De dokter zegt


Dit onderdeel van de website bevat relevante, recente en interessante medische informatie over coeliakie.

Wat is coeliakie?

Professor dr. C.J.J. (Chris) Mulder


Onderzoeken
Onderzoeksresultaten van literatuurresearch uit het Nederlands Tijdschrift voor Voeding en Diëtetiek


Wat is coeliakie?
Coeliakie (spreek uit als: seu-lia-kie), is een chronische ziekte van de dunne darm en een permanente verstoring van het afweersysteem wat door een overgevoeligheid voor gluten ontstaat. Gluten zijn een eiwit dat voorkomt in tarwe, haver, rogge, gerst, kamut en spelt. Wanneer iemand coeliakie heeft wordt de binnenkant van de dunne darm beschadigd wanneer deze in aanraking komt met gluten, zelfs bij de meest geringe hoeveelheid. Deze binnenkant is bekleed met uitstulpingen ook wel 'darmvlokken' genoemd. Door de beschadigingen kunnen voedingsstoffen niet goed worden opgenomen wat moeheid (door ijzertekort), bloedarmoede en osteoporose kan leiden. Ook kan door een gebrek aan calcium botontkalking ontstaan. Wanneer coeliakie niet wordt vastgesteld kan dit bij een coeliakiepatiënt leiden tot o.a. onvruchtbaarheid (zowel bij mannen als vrouwen) en vrouwen hebben een verhoogde kans op het krijgen van een miskraam. Helaas zijn er geen medicijnen voor, de enige behandeling is het volgen van een glutenvrij dieet. Het lijkt soms alsof de ene patiënt beter tegen inname van gluten kan dan de ander, desondanks kan er zonder dat de patiënt het merkt er schade aan de darmvlokken toegebracht worden.

Op dit moment zijn er ongeveer 16.000 geregistreerde coeliakiepatiënten in Nederland, maar artsen schatten het totale aantal op ongeveer 160.000 of zelfs nog meer (bron N-H dagblad). Er zijn dus nog ontzettend veel mensen die met vage klachten blijven rondlopen niet wetende dat zij coeliakie hebben. Daarom wordt vanuit verschillende invalshoeken de samenwerking tussen huisartsen, specialisten, kinderartsen en diëtisten gestimuleerd. Zo kunnen beter de niet-gediagnosticeerde patiënten gevonden worden.

Coeliakie
werd ontdekt vlak voor de Tweede Wereldoorlog door de Nederlandse Kinderarts Willem-Karel Dicke. Tussen 1934 en 1936 heeft deed Dr. Dicke al onderzoeken naar een glutenvrij dieet bij patiënten die ziek werden na het eten van brood. Zijn eerste publicatie over coeliakie dateert van 1941. Toen tijdens de Tweede Wereldoorlog de Hongerwinter begon (1944-1945) en voedsel, zoals brood, een schaarste was, werden zijn theorieën duidelijk bewezen. Door het eten van tulpenbollen en plaats van brood betekende dit voor (mogelijke) coeliakiepatiënten dat zij binnen zeer korte tijd een vermindering van de klachten hadden. Natuurlijk bestaat coeliakie al langer. Waarschijnlijk zal coeliakie zijn opgetreden ongeveer tienduizend jaar geleden, toen de landbouw begon. In deze periode leerden de mensen namelijk hoe ze gewassen moesten verbouwen, dieren konden houden en zij zich konden vestigen in nederzettingen. Granen, zoals gerst en tarwe, werden toen verbouwd en aangenomen wordt dat er toen al mensen waren die dit eiwit niet konden verdragen.

Diagnose
Of iemand coeliakie heeft kan worden achterhaald door middel van een biopsie van de dunne darm (via de mond). Dan worden er kleine stukjes (biopten) uit de dunne darm gehaald en onderzocht. Dit is onderzoek kan als onprettig worden ervaren. Overigens gaat hier eerst een bloedonderzoek aan vooraf om te achterhalen of er antistoffen aanwezig zijn in het bloed. Afgeraden wordt om op eigen initiatief een glutenvrij dieet te volgen zonder overleg van een arts. Mocht u denken coeliakie te hebben en u gaat glutenvrij eten, zullen de beschadigde darmen zich herstellen en is vervolgens niet meer te achterhalen voor een arts of u coeliakie heeft of wellicht een andere aandoening.

Symptomen
Bij kinderen tussen 9 en 24 maanden zijn de complicaties voornamelijk een groeiachterstand en darmgerelateerde symptomen zodra het kind in contact is gekomen met gluten. Bij kinderen die wat ouder zijn kunnen absorptiegerelateerde symptomen en psychosociale problemen aanwezig zijn. Bij volwassenen staat voornamelijk de malabsorptie van voedingsstoffen voorop. Verdere symptomen zijn gewichtsverlies, diarree en vermoeidheid. De symptomen kunnen overigens erg uiteenlopen bij coeliakiepatiënten.

Diabetes Type I
Wanneer iemand aan coeliakie lijdt is er een risico op het krijgen van andere aantastingen van het auto-immuunsysteem, zoals Diabetes Type I. Bij deze vorm van diabetes is het lichaam niet zelf in staat om insuline aan te maken. Insuline is een (polypeptide-)hormoon die wordt gevormd in de alvleesklier (pancreas). Doordat er geen insuline wordt aangemaakt is het lichaam niet in staat om de bloedsuikerspiegel te reguleren. Wie coeliakie of diabetes type I heeft, heeft dus een verhoogde kans om de andere ziekte te krijgen. Voor meer informatie over Diabetes, klik dan
hier.

Lactose intolerantie
Ook lactose-intolerantie is een auto-immuunziekte die aan coeliakie verwant is. Wanneer er door recent vastgestelde of onbehandelde coeliakie een beschadiging aan de darmwand en het darmslijmvlies plaatsvindt, ontstaat er ook een gebrek aan het enzym lactase (deze zorgt voor de splitsing en absorptie van lactose). Het darmslijmvlies produceert namelijk lactase, maar uiteraard niet er het darmslijmvlies beschadigd is. In dit geval kan de darmwand ook geen lactose verdragen. Zodra de beschadiging door coeliakie weer hersteld is (door het volgen van een glutenvrij dieet) is het mogelijk dat de lactose intolerantie over gaat en zij weer beetje bij beetje zuivelproducten kunnen verdragen. Er kan ook een genetische factor meespelen waardoor patiënten blijvend lactose intolerant zijn. Wilt u meer weten over lactose intolerantie, klik dan
hier.

Dermatitis herpetiformis
De blaasjesvormende huidziekte Dermatitis herpetiformis is een aanverwante aandoening. Door deze aandoening, ook wel de ziekte van Dühring genoemd, ontstaan er rode en jeukende blaasjes op de huid (vooral knieën en ellebogen). Deze klachten kunnen worden behandeld door het volgen van een glutenvrij dieet. Wilt u meer weten over Dermatitis herpetiformis, klik dan
hier.

Syndroom van Down
Mensen met het syndroom van Down hebben 30% kans op het krijgen van coeliakie.

Erfelijke risico
Over het algemeen komt coeliakie vaak bij meer dan één persoon in de familie voor. Het risico dat een familielid van een coeliakiepatiënt ook coeliakie ontwikkeld, is 10% .

Geraadpleegde bronnen: Wikipedia.org, Gezond eten zonder gluten: Darina Allen/Rosemary Kearney


Professor dr. C.J.J. Mulder
Dankzij de medewerking die Prof. dr. C.J.J. (Chris) Mulder aan deze website verleent, is hier de meest recente informatie over ontwikkelingen en onderzoeken op coeliakiegebied te vinden. Chris Mulder, hoogleraar afdeling Maag-, darm- en leverziekten van het VU Medisch Centrum in Amsterdam, is een autoriteit op het gebied van coeliakie. Hij is voorzitter van Medische Adviesraad Nederlandse Coeliakie Vereniging. 

Terug naar boven